Back to top

De Gulden Passer 66-67 (1988-1989)

Ex officina Plantiniana. Studia in memoriam Christophori Plantini (ca. 1520-1589) ediderunt Marcus de Schepper & Francine de Nave

Inhoud • 9–11

Artikelen

Leon Voet • Christoffel Plantijn (ca. 1520-1589). Een synthese • 15–44

Marc Somers • De Plantijnstudies van Max Rooses • 45–60

Karel Bostoen • Christoffel Plantijn en Jan van Hout in 1583-1585. Opmerkingen naar aanleiding van hun vriendschap • 61–85

Chris L. Heesakkers • Zeven albumbijdragen van Plantijn • 87–106

Dirk Sacré • Een vergeten brief aan Plantijn. Fr. Cicereius over P. Manutius • 107–120

Paul Valkema Blouw • Plantin's betrekkingen met Hendrik Niclaes • 121–162

R. Breugelmans • Twee anonieme Leidse Plantijndrukken uit 1584 • 163–170

Chris Coppens • Een kijk op het Woord. De titelbladen van Plantins bijbels. Een iconografische verkenning • 171–211

G. Glorieux • Bandeaux et fleurons chez C. Plantin • 213–236

Erwin Verzandvoort • Over de door Plantijn gedrukte uitgaven van Reynaert de Vos • 237–252

Werner Waterschoot • De kopij van J.B. Houwaerts Pegasides Pleyn • 253–274

Chris Coppens • Plantins fondscatalogus uit 1567 • 275–299

Guido Persoons • De Antwerpse zending boeken naar de beurs van Frankfurt in 1567 • 301–303

B. van Selm • De fondscatalogus van Christoffel Plantijn uit 1570 • 305–324

Georges Colin • Le Compas d'or sur des reliures • 325–336

Johan Hanselaer • De prijs van antieke teksten gedrukt door Plantijn • 337–348

Gustaaf Janssens • Plantijndrukken in de Henegouwse boekhandel in 1569 • 349–379

Nati Krivatsy • Plantin books in Sir Edward Dering's library • 381–389

Kees van den Oord • Nederlandse boekhandelaren in de grootboeken van de Officina Plantiniana 1566-1589 • 391–397

Frans M.A. Robben • De relaties van Christoffel Plantijn met de boekhandel in Spanje. Een voorlopige inventaris • 399–418

J. van Roey • Het boekbedrijf te Antwerpen in 1584-1585 • 419–433

J. Andriessen s.j. • Joannes Fredericus Lumnius en zijn Evangelica Strena (1568) • 439–442

Frans Claes s.j. • Kiliaan als lexicograaf in de Officina Plantiniana • 443–454

Elly Cockx-Indestege • Vesaliana Plantiniana. De drukken van Valverde en Van Mauden en hun exemplaren in Belgische collecties. Bijdrage tot een 'Belgian Census' van H. Cushings Bibliografie van Vesalius • 455–479

Jean-Pierre Tricot • Originele tekeningen van Valverde. Vesalius en Valverde • 481–489

Monique Mund-Dopchie • Les éditions plantiniennes des tragiques grecs par G. Canterus • 491–504

Andries Welkenhuysen • Plantijns drukken van de Testamenten der XII patriarchen (1561, 1564, 1566) in hun 'boekhistorische' context • 505–515

Francine de Nave • Franciscus I Raphelengius (1539-1597), grondlegger van de Arabische studien in de Nederlanden • 523–555

Alastair Hamilton • 'Nam tirones sumus': Franciscus Raphelengius' Lexicon Arabico-Latinum (Leiden 1613) • 557–589

A. Dewitte • Bonaventura Vulcanius en de Officina Plantiniana (1573-1600) • 591–597

Hubert Meeus • Zacharias Heyns, een leerjongen van Jan Moretus • 599–612

Guido Persoons • Joannes I Bogardus, Jean II Bogard en Pierre Bogard als muziekdrukkers te Douai van 1574 tot 1633 en hun betrekkingen met de Officina Plantiniana • 613–666

Toelichting bij de bijzondere illustratiereeks • 671–674

Index nominum • 675–692

Onbepaald